Keltische Hymnen
 

Geloofsbelijdenis
 

Ik geloof, o God van al de goden,

Dat Gij zijt de eeuwige Vader van het leven.

Ik geloof, o God van al de goden,

Dat Gij zijt de eeuwige Vader van de liefde.
 

Ik geloof, o God van al de goden,

Dat Gij zijt de eeuwige Vader van de heiligen.

Ik geloof, o God van al de goden,

Dat Gij zijt de eeuwige Vader van elke mens.
 

Ik geloof, o God van al de goden,

Dat Gij zijt de eeuwige Vader van de mensheid.

Ik geloof, o God van al de goden,

Dat Gij zijt de eeuwige Vader van de wereld.
 

Ik geloof, o Heer en God van alle volkeren,

Dat Gij zijt de Schepper van de hoge hemelen,

Dat Gij zijt de Schepper van de lucht hierboven,

Dat Gij zijt de Schepper van de oceanen hierbeneden.
 

Ik geloof, o Heer en God van alle volkeren,

Dat Gij mijn ziel hebt geschapen en voor haar een woning hebt bereid,
 

Dat Gij mijn lichaam hebt geschapen uit stof en as,

Dat Gij aan mijn lichaam de adem hebt geschonken en aan mijn ziel haar bezit.
 

Vader, zegen mijn lichaam,

Vader, zegen mijn ziel,

Vader, zegen mijn leven,

Vader, zegen mijn geloof.
 

Eeuwige Vader en Heer van alle volkeren,

Ik geloof dat Gij mijn ziel hebt geheeld door de Geest van genezing,

Dat Gij voor mij uw geliefde Zoon als losprijs hebt gegeven,

Dat Gij mijn ziel gekocht hebt door het kostbaar Bloed van uw Zoon.
 

Eeuwige Vader en Heer van het leven,

Ik geloof dat Gij over mij hebt uitgestort de Geest van genade

Bij de gave van de doop.
 

Avondgebed
 

Eeuwige Vader en Heer van de mensheid,

Omwikkel mijn lichaam en mijn geliefde ziel,

Bewaar mij deze nacht in het heiligdom van uw liefde,

Beschut mij deze nacht in de schuilplaats van uw heiligen.
 

Gij hebt mij de vorige nacht gebracht

Tot het genadenrijke licht van deze dag,

om mijn ziel grote vreugde te schenken

en om mij buitengewoon wel te doen.
 

Ik dank U, Jezus Christus,

Voor de vele gaven die Gij mij geschonken hebt,

Elke dag en nacht; te land of ter zee,

Bij schoon weer, in rustige of woeste plaatsen.
 

Ik schenk U mijn aanbidding met heel mijn leven,

Ik bekrachtig dit met al mijn kracht,

Ik prijs U met heel mijn tong,

Ik eer U in al mijn uitingen.
 

Ik schenk U mijn eerbied met heel mijn begrip;

Ik breng U mijn offer met al mijn gedachten,

Ik prijs U met heel mijn vurigheid,

Ik schenk U mijn nederigheid in het Bloed van het Lam.
 

Ik schenk U mijn liefde met al mijn toewijding,

Ik kniel voor U neer met heel mijn verlangen,

Ik schenk U mijn liefde met heel mijn hart,

Ik schenk U mijn genegenheid met al mijn zinnen,

Ik schenk U mijn bestaan met heel mijn verstand,

Ik schenk U mijn ziel, o God boven alle goden:
 

Mijn gedachten, mijn daden,

Mijn woorden, mijn wil,

Mijn begrip, mijn verstand,

Mijn gaan en mijn staan.
 

Ik smeek U

Mij te behoeden voor ziekte,

Mij te behoeden voor kwetsuren,

Mij te behoeden voor schade;

Mij te behoeden voor ongeluk,

Mij te behoeden voor verdriet,

Mij te behoeden deze nacht

In de nabijheid van uw liefde.
 

Moge God mij beschermen,

Moge God mij vervullen,

Moge God mij behoeden,

Moge God over mij waken.
 

Moge God mij brengen

Tot het land van de vrede,

Tot het vaderland van de Koning

Tot de vrede van de eeuwigheid.
 

Geprezen zij de Vader,

Geprezen zij de Zoon,

Geprezen zij de Geest,

De Drie in Eén.
 

Knielgebed
 

Ik buig mijn knie

Voor oog van de Vader, die mij geschapen heeft

Voor oog van de Zoon die mij heeft vrijgekocht,

Voor het oog van de Geest die mij gereinigd heeft,

In vriendschap en genegenheid.

Door uw eigen Gezalfde, o God,

Schenk ons de volheid in onze noden:

Liefde tot God,

De genegenheid van God,

De glimlach van God,

De wijsheid van God,

De genade van God,

De vreze voor God,

En om de wil van God

Te doen in de wereld van de Drieëenheid

Zoals de engelen en de heiligen doen

In de hemelen.

In elke schaduw en licht,

In elke dag en nacht,

In elk moment door uw vriendelijkheid

Schenk ons uw Geest.
 

Jezus
 

Het is even gemakkelijk voor Jezus

Om de verdorde boom te doen herleven

Als een nieuwe boom te doen verdorren

Als het zijn wil is om dit te doen.

Jezus! Jezus! Jezus!

Jezus! Het is waardig Hem te prijzen.
 

Er is geen plant in de grond

Die niet vol is van zijn kracht,

Er is geen vorm op het strand

Die niet vol is van zijn zegen.

Jezus! Jezus! Jezus!

Jezus! Het is waardig Hem te prijzen.
 

Er is geen leven in de zee,

Er is geen schepsel in de rivier,

Er is niets in het firmament

Dat niet zijn goedheid verkondigt.

Jezus! Jezus! Jezus!

Jezus! Het is waardig Hem te prijzen.
 

Er is geen vogel in zijn vlucht,

Er is geen ster in de hemel,

Er is niets beneden de zon

Dat niet zijn goedheid verkondigt.

Jezus! Jezus! Jezus!

Jezus! Het is waardig Hem te prijzen.
 

Morgengebed
 

Moge ik heden mijn gebed tot U bidden, o God,

Moge ik heden mijn stem verheffen zoals de stem van uw mond zich verheft,

Moge ik deze dag doorbrengen zoals de hemelbewoners die doorbrengen,

Moge ik deze dag doorbrengen zoals uw huisgezin die doorbrengt.
 

Moge ik door deze dag trekken volgens uw geboden, o God,

Moge ik deze dag doortrekken zoals de heiligen het in de hemel doen.
 

Liefhebbende Christus, die waart opgehangen aan de boom,

Elke dag en elke nacht herinner ik mij uw verbond;

Ik geef mij over aan uw kruis bij mijn liggen en opstaan,

Gij zijt mijn gezondheid en mijn vrede bij mijn leven en sterven.
 

Elke dag herinner ik mij de bronnen van uw ontfermingen

Die Gij zo vriendelijk en overvloedig over mij hebt uitgestort,

Moge elke dag in mij de liefde tot U toenemen.
 

Elk ding dat ik kreeg kwam van U,

Elk ding waarop ik hoop, van uw liefde zal het komen,

Elk ding waarvan ik geniet is een gave van uw goedheid,

Elk ding dat ik vraag komt van uw voorzienigheid.
 

Heilige God, liefhebbende Vader van de altijddurende wereld,

Verleen mij het levende gebed:

Verlicht mijn verstand, ontsteek mijn wil, wees de aanvang van mijn werk,

Doe mijn liefde ontbranden, sterk mijn zwakheid, omvang mijn begeerte.
 

Zuiver mijn hart, maak heilig mijn ziel, bevestig mijn geloof,

Beveilig mijn verstand en omgeef mijn lichaam.

En als mijn mond mijn gebed uitspreekt,

Moge ik dan in mijn hart uw aanwezigheid voelen.
 

En verleen, o God,

En wees bij mijn borst, en wees bij mijn rug,

En schenk mij wat ik nodig heb om te verwerven de kroon

Die Gij ons beloofd hebt in de komende wereld.
 

En verleen mij, geliefde Vader,

Uit Wie alles wat is, vrij voortstroomt,

Dat geen te vaste of te dierbare band mij bindt

Aan de wereld hierbeneden.
 

In U stel ik mijn hoop, o God,

Mijn levende hoop in de Vader van de hemelen,

Mijn hoop om bij U te zijn,

In de verre wereld die komt.
 

Vader en Zoon en Heilige Geest,

Drie Personen van de Ene,

Volmaakte, eindeloze Wereld,

Onveranderlijk Eeuwig Leven.
 

Morgengebed
 

God, die mij uit de rust van de voorbij nacht

Gebracht hebt tot het blijde licht van deze dag,

Breng Gij mij vanuit het nieuwe licht van deze dag

Naar het leidende licht van de eeuwigheid.
 

Dankgebed in de morgen
 

Dank U, Heer, dat ik vandaag mocht opstaan

Tot de opstanding van het leven zelf;

Moge dit gescheiden tot glorie van U, o God van elke gave,

En tevens tot glorie van mijn ziel.
 

Grote God, help mijn ziel

Met de hulp van uw eigen barmhartigheid;

Zoals ik mijn lichaam kleed met wol,

Bedek mijn ziel met de schaduw van uw vleugel.
 

Help mij elke zonde te vermijden

En te verzaken aan de bron van elke zonde;

En zoals de mist uiteengedreven wordt op de toppen der heuvels,

Moge elke waas van ziekte worden weggedreven van mijn ziel, o God.
 

Morgengebed tot de Drieëne.
 

In de naam van de Vader,

In de naam van de Zoon,

In de naam van de Geest,

Drie in Eén.
 

Vader, koester mij,

Zoon, koester mij,

Geest, koester mij,

Gij Drie koester mij vriendelijk.
 

God, maak mij heilig,

Christus, maak mij heilig,

Geest maak mij heilig,

Gij alheilige Drie.
 

Gij Drie, help mijn hoop,

Gij Drie, help mijn liefde,

Gij Drie, help mijn oog

En mijn knie tegen struikelen.
 

Reisgebed
 

Roerganger: Gezegend zij het schip.

Bemanning: God de Vader zegene het.

Roerganger: Gezegend zij het schip.

Bemanning: God de Zoon zegene het.

Roerganger: Gezegend zij het schip.

Bemanning: God de Heilige Geest zegene het.

Allen: God de Vader,

God de Zoon,

God de Geest,

Zegene het schip.

Roerganger: Wat kan u overkomen als God de Vader met u is?

Bemanning: Niets kan ons schaden.

Roerganger: Wat kan u overkomen als God de Zoon met u is?

Bemanning: Niets kan ons schaden.

Roerganger: Wat kan u overkomen als God de Geest met u is?

Bemanning: Niets kan ons schaden.

Allen: God de Vader,

God de Zoon,

God de Geest,

Met ons in eeuwigheid.

Roerganger: Wat kan u angst aanjagen als de God der elementen met u is?

Bemanning: Niets kan ons angst aanjagen.

Roerganger: Wat kan u angst aanjagen als de Koning der elementen met u is?

Bemanning: Niets kan ons angst aanjagen.

Roerganger: Wat kan u angst aanjagen als de Geest der elementen met u is?

Bemanning: Niets kan ons angst aanjagen.

Allen: De God der elementen,

De Koning der elementen,

De Geest der elementen

Dicht bij ons,

Altijd en tot in eeuwigheid.
 

Avondgebed
 

God van het leven, verduister voor mij niet uw licht,

God van het leven, sluit niet voor mij af uw vreugde,

God van het leven, sluit niet voor mij dicht uw deur,

God van het leven, weiger mij niet uw barmhartigheid,

God van het leven, doof voor mij uw toorn,

God van het leven, kroon mij met uw blijdschap.
 

Nachtgebed.
 

Ik leg mij neer deze nacht met God,

En God zal neerliggen met mij.

Ik leg mij neer deze nacht met Christus,

En Christus zal neerliggen met mij.

Ik leg mij neer deze nacht met de Geest,

En de Geest zal neerliggen met mij,

God en Christus en de Geest

Zullen zijn met mij.
 

Gebed bij het inslapen
 

Ik plaats mijn ziel en mijn lichaam

In uw heiligdom deze nacht, o God;

In uw heiligdom, o Jezus Christus,

In uw heiligdom, o Geest van de volmaakte waarheid.
De Drie zullen mij verdedigen,

En zich niet van mij afwenden.
 

Gij Vader, die vriendelijk en rechtvaardig zijt,

Gij Zoon, die de dood hebt overwonnen,

Gij Geest van kracht,

Bewaar mij deze nacht tegen elke schade.
De Drie, die mij zullen rechtvaardigen,

Behoeden mij deze nacht en altijd.
 

Gebed bij het slapengaan
 

O zondeloze Jezus,

Koning der armen,

Die boosaardig werd onderworpen

Aan de ban van de goddelozen,

Bescherm mij deze nacht

Tegen Judas.
 

Mijn ziel ruste op uw arm; o Christus,

Koning van de hemelse Stad,

Gij hebt mijn ziel vrijgekocht, o Jezus,

Gij hebt uw leven geofferd voor mij.
 

Bescherm mij, want ik ben vol kommer,

Omwille van uw lijden, uw wonden en uw eigen bloed,

En neem mij in veiligheid deze nacht

Naar de Stad van God.
 

Klacht van de ziel
 

Jezus, bewaar mij deze nacht,

Gij Herder van de armen,

Gij zondeloze,

Die wreedaardig hebt geleden

Onder de ban van de goddelozen

En gekruisigd werd.
 

Red mij van de boosheid,

Red mij van schade,

Red mijn lichaam,

Heilig mij deze nacht,

O Jezus, en verlaat mij niet

Deze nacht.
 

Schenkt mij kracht,

Gij Herder van macht,

Leid mij op de rechte weg,

Leid mij in uw kracht,

O Jezus, bewaar mij

In uw kracht.
 

De begeleiding van de ziel
 

Deze ziel zij op uw arm, o Christus,

Koning van de Stad der hemelen. Amen.
 

Gij immers hebt deze ziel gekocht,

Moge haar vrede zijn onder uw hoede. Amen.
 

En moge de ster Michaël, de hoge koning der engelen,

De weg voor deze ziel bereiden, o God. Amen.
 

De sterke Michaël zij met u in vrede, o ziel,

En bereide u de weg naar het Koninkrijk van Gods Zoon. Amen.
 

Klaagzang bij het sterven
 

Gij gaat huiswaarts deze nacht naar uw huis van de winter,

Naar uw huis van de herfst, van de lente en de zomer.

Gij gaat huiswaarts deze nacht naar uw eeuwig huis,

Naar uw eeuwig bed, naar de sluimering der eeuwigheid.
 

Slaap nu, slaap, en weg met de smarten,

Slaap nu, slaap, en weg met de smarten,

Slaap nu, slaap, en weg met de smarten,

Slaap, geliefde, in de Rots van de kudde.
 

Slaap deze nacht in de schoot van uw Moeder,

Slaap, geliefde, terwijl zijzelf u wiegt,

Slaap deze nacht in de armen van de Maagd,

Slaap nu, geliefde, terwijl zijzelf u kust.
 

De grote slaap van Jezus, de alles overtreffende slaap van Jezus,

De slaap van Jezus' wonden, de slaap van Jezus' verdriet,

De jonge slaap van Jezus, de herstellende slaap van Jezus,

De slaap van de kus, van de vrede, van de glorie van Jezus.
 

De slaap van de zeven lichten zij de uwe, geliefde,

De slaap van de zeven vreugden zij de uwe, geliefde,

De slaap van de zeven jongelingen zij de uwe, geliefde,

In de armen van Jezus van de zegeningen, van de Christus der genade.
 

De schaduw van de dood ligt op uw gelaat, geliefde,

Maar Jezus, de Heer der genade, houdt zijn hand rond u;

In de nabijheid van de Drieëenheid, vaarwel aan uw pijnen,

Christus staat voor u en vrede is in zijn gedachten.
 

Slaap nu, slaap nu in de rust van alle rust,

Slaap nu, slaap nu in raad van alle raden,

Slaap nu, slaap nu in de liefde van alle liefde,

Slaap nu, geliefde, in de Heer van het leven,

Slaap nu, geliefde, in de God van het leven.
 

Geef mij het noodzakelijke.
 

Geef mij, o God,

Het voedsel dat nodig is voor mijn lichaam.

Geef mij; o God,

Het licht dat nodig is voor mijn geest.

Geef mij, o God,

De balsem die nodig is voor mijn ziel.
 

Geef mij, o God,

Een oprecht berouw.

Geef mij, o God,

Een berouw met heel mijn hart.

Geef mij, o God,

Een voortdurend berouw.
 

Geef mij, o God,

Een dood van de onschatbare myron,

Geef mij, o God,

Dat de Genezer van mijn ziel dicht bij mij is.

Geef mij, o God,

Een dood van vreugde en vrede.
 

Geef mij, o God,

De dood van Christus te belijden.

Geef mij, o God,

Christus' doodstrijd te overwegen.

Geef mij, o God,

Warm te maken mijn liefde tot Christus.
 

Geef mij, o God,

En trek mijn ziel naar U toe,

Opdat ik waarlijk boete moge doen

Met een recht en sterk hart,

Met een vermorzeld en verbrijzeld hart,

Een hart dat niet verandert, noch ombuigt, noch wijkt.
 

Grote God van de engelen,

Breng mij naar de woning der vrede.

Grote God van de engelen,

Bewaar mij tegen het kwaad van betovering.

Grote God van de engelen,

Baad mij in uw eigen vijver.
 

Grote God van de vrede,

Schenk mij de sterke Geest der krachten.

Grote God van de genade,

Schenk mij de onsterflijke een eeuwige Geest.

Grote God van de genade,

Schenk mij de liefhebbende Geest van het Lam.
 

Vrede over dit huis
 

De vrede van God, de vrede van de mensen,

De vrede van de vriendelijke Columba,

De vrede van de milde en liefhebbende Maria,

De vrede van Christus, de Koning der tederheid,
 

Zij op elk venster, op elke deur,

Op elke opening die het licht binnenlaat,

Op de vier hoeken van mijn huis,

Op de vier hoeken van mijn bed.
 

Op elk ding dat mijn oog waarneemt,

Op elk ding dat mijn mond opneemt,

Op mijn lichaam, uit aarde gemaakt,

En op mijn ziel die van boven komt.
 

Moeder wijdt
 

Moge de grote God zijn tussen uw beide schouders,

Om u te beschermen bij uw komen en gaan.

Moge de Zoon van Maria dicht bij uw hart zijn,

En moge de Geest der volmaaktheid over u worden uitgestort.
 

Reisgebed
 

Moge God u beschermen bij elke stap,

Moge Christus u behoeden op elke weg,

Moge de Geest u bewaren bij elke gebeurtenis.
 

Gebed om bescherming
 

Het medelijden van God zij op u,

Het medelijden van de God van het leven.
 

Het medelijden van Christus zij op u,

Het medelijden van Christus van de liefde.
 

Het medelijden van de Geest zij op u,

Het medelijden van de Geest van de genade.
 

Het medelijden van de Drie zij op u,

Het medelijden van de Drie beware u.
 

Tegen de gevaren van de nacht.
 

God voor mij, God achter mij,

God boven mij, God beneden mij.

Ik op de weg van God

En God op mijn pad.
 

Wie is er te land?

Wie is er op de vloed?

Wie is er op de baren?

Wie is er bij de deurpost?

Wie is er altijd bij ons?

God, de Heer!
 

Ik ben hier onderweg,

Ik ben hier in nood,

Ik ben hier in pijn,

Ik ben hier in strijd,

Ik ben hier alleen,

O God, help mij.
 

Gebed tot Jezus die omhelst.
 

Jezus! Eniggeboren Zoon en Lam van God de Vader,

Gij hebt de wijn van uw lichaamsbloed gegeven

Om mij vrij te kopen uit het graf.

Mijn Christus! Mijn Christus! Mijn Schild, die mij beschermt

Elke dag, elke nacht, bij elk licht en in elke duisternis.
 

Wees mij nabij, steun mij, mijn Schat, mijn Triomf,

Bij mijn liggen en mijn opstaan, bij mij waken en mijn slapen.
 

Jezus, Zoon van Maria! Mijn Helper die mij omhelst!

Jezus, Zoon van David, mijn altijddurende Sterkte.
 

Lofzang van de Koningin en Maagd
 

Ik bid het gebed

Dat met zalving werd gegeven

Aan Maria,

De Moeder der Vreugde.
 

Samen met het Onze Vader en het Credo,

Benevens het gebed van Maria

En het gebed van Gods Zoon

Tijdens zijn lijden.
 

Om uw eer te verheffen,

Om te verheffen de heerlijkheid van Gods Zoon,

Om te verheffen de grootheid

Van de God der genade.
 

Smeek tot uw goedgunstige Zoon

Opdat Hij mijn gebed tot nut make

Voor mijn ziel, en tevens

Voor mijn lichaam.
 

Gij, koningin der engelen,

Gij, koningin van het koninkrijk,

Gij, koningin van de stad

Der heerlijkheid:
 

Omwikkel mij met elke deugd,

Beschut mij tegen elke ondeugd.
 

Gij, stralende moeder van vriendelijkheid,

Gij, roemrijke moeder van de sterren,

Gezegend zijt gij boven elk ras

En elke volstam.
 

Gij, enig geprezene, en prijzenswaardige,

Bid vurig voor mij,

Tot de Heer der werelden,

De God van het leven.
 

Gij, vriendelijke, schone en lieflijke Maria,

Ik smeek u dat gij mij niet alleen laat

In de scherpe angst

Van mijn dood.
 

Bescherm elke woonst, bescherm elk volk,

Dat uitsluitend afroept

De goedgunstige genade

Van uw geliefde Zoon.
 

Gij zijt de maagdelijke Koningin van de zoetheid,

Gij zijt de maagdelijke Koningin van de trouw,

Gij zijt de maagdelijke Koningin van de vreedzaamheid

En van de volkeren.
 

Gij zijt de bron van het medelijden,

Gij zijt de wortel van de vertroostingen,

Gij zijt de levende stroom van de maagden

En van wie een kind dragen.
 

Gij zijt het tabernakel van Christus,

Gij zijt de woning van Christus,

Gij zijt de ark van Christus,

En van Hem alleen.
 

Gij zijt de maagdelijke Koningin van de zee,

Gij zijt de maagdelijke Koningin van het koninkrijk,

Gij zijt de maagdelijke Koningin van de engelen

In schittering.
 

Gij zijt de tempel van de God van het leven,

Gij zijt het tabernakel van de God van het leven,

Gij zijt de woning van de God van het leven

En van de eenzamen.
 

Gij zijt de rivier van de genade,

Gij zijt de bron van de verlossing,

Gij zijt de tuin en het paradijs

Van de maagden.
 

Gij zijt de ster van de morgen,

Gij zijt de ster van veiligheid,

Gij zijt de ster van de oceaan,

De grote.
 

Gij zijt de ster van de aarde,

Gij zijt de ster van het koninkrijk,

Gij zijt de ster van de Zoon van de Vader

Der heerlijkheid.
 

Gij zijt het Koren van het land,

Gij zijt de schatkamer van de zee,

De verlangde bezoekster van de huizen

Van de wereld.
 

Gij zijt het vat van de volheid,

Gij zijt de beker der wijsheid,

Gij zijt de bron van de genezing

Voor het mensengeslacht.
 

Gij zijt de tuin van de deugden,

Gij zijt de woning van de blijdschap,

Gij zijt de moeder van de rouwmoedigheid

En de welwillendheid.
 

Gij zijt de boomgaard vol appelen,

Gij zijt het wiegelied voor de grote lieden,

Gij zijt de vervulling van het verlangen der wereld

In lieflijkheid.
 

Gij zijt de zon van de hemelen,

Gij zijt de maan van het firmament,

Gij zijt de ster en het pad

Voor de dwalenden.
 

Daar Gij zijt de oceaan der volheid,

Stuur mij op zee;

Daar gij zijt het droge land,

Red mij op het land.
 

Daar gij zijt de edelsteen van het juweel,

Red mij van vuur en van water,

Red mij van de boze geesten in de lucht

En van hun brandende pijlen.
 

Gebed tot de Maagd Maria.
 

Maagd Maria,

Nooit is er iemand geweest

Die zich stelde

Onder uw edelmoedige zorg,
 

Die uw barmhartigheid vroeg

Die uw bescherming vroeg,

Die uw bijstand vroeg,

Met vertrouwvol hart,
 

Die uw troost niet vond,

Die uw vrede niet vond,

Die uw bijstand niet vond,

Waar hij naar zocht.
 

Dat geeft mij

De uitnemende hoop

Dat ook mijn tranen en gebed

Bij u een plaats zullen vinden.
 

Mijn hart is gelukkig

Te mogen neerknielen voor uw voetbank.

Mijn hart is gelukkig

Omwille van uw gunst, omdat gij naar mij hoort,
 

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Gij, Schoonste van de glimlach,

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Gij, schoonste onder de vrouwen.
 

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Maagdelijke Koningin van het mensengeslacht,

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Maagdelijke Koningin van de werelden.
 

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Bebloemde tooi van groene takken,

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Stralende tooi van de hemelen.
 

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Moeder van het Lam der genade,

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Moeder van het Paaslam.
 

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Rivier van het zaad,

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Vat van de vrede.
 

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Fontein van genezing,

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Bron van genade.
 

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Woning van de zachtmoedigheid,

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Huis van de vrede.
 

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Juweel van de wolken,

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Juweel van de sterren.
 

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Moeder van de zwarte rouwmoedigheid,

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Moeder van de Koning der heerlijkheid.
 

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Gij Maagd van de nederigen,

Te mogen komen in uw aanwezigheid,

Moeder van Jezus Christus.
 

Met klaagzang en droefheid,

Biddend en smekend,

Met smart en onder tranen,

U aanroepend en bedelend,
 

Opdat gij mij zoudt vrijwaren

Van schaamte en ongeluk,

Opdat gij mij zoudt vrijwa ren,

Van vleierij en hoon.
 

Opdat gij mij zoudt vrijwaren,

Van ellende en rouwen,

Opdat gij mij zoudt vrijwaren

Voor de eeuwige angst,
 

Opdat gij mijn ziel zou helpen

Om de weg van de Koning,

Opdat gij mijn ziel zoudt helpen

Op de weg van de vrede,
 

Opdat gij mij ziel zoudt helpen

In de deuropening van de barmhartigheid,

Opdat gij mijn ziel zoudt helpen

In de plaats van het gericht.
 

Daar Gij zijt de ster van de oceaan,

Stuur mij op zee,

Daar gij zijt de ster van de aarde,

Leid mij langs de kust.
 

Daar Gij zijt de ster van de nacht,

Verlicht mij in de duisternis,

Daar gij zijt de zon van de dag,

Omvang mij op het land.
 

Daar gij zijt de ster van de engelen,

Waak over mij op aarde,

Daar gij zijt de ster van het paradijs,

Begeleid mij naar de hemel.
 

Beschut mij overdag,

Beschut mij in de nacht,

Beschut mij dag en nacht,

Stralende en genadige Koningin van de hemel.
 

Schenk mij het gebed van liefde,

Schenk mij het smeekgebed om beschutting,

Schenk mij wat ik smeek in mijn pijn,

Omwille van het vergoten bloed van uw Zoon op uw borst.
 

Tel mij niet onder de nietswaardigen, mijn God,

Tel mij niet onder de nietswaardigen, mijn Christus,

Tel mij niet onder de nietswaardigen, vriendelijke Geest

En laat mij niet voor eeuwig verloren gaan.
 

Het Kind van de heerlijkheid
 

Het Kind van de heerlijkheid,

Het Kind van Maria,

Is geboren in een stal,

De Koning van allen

Kwam naar de wildernis

En leed in onze plaats;

Zalig zijn zij die gerekend worden

Onder hen die Hem nabij zijn.
 

Toen Hij zag

Hoe wij in barensnood verkeerden,

Openden de hemelen zich genadig

Over onze hoofden:

Wij aanschouwen Christus,

De Geest der waarheid.

Hijzelf trok ons

Onder het schild van zijn kroon.
 

Sterk onze hoop,

Wek op onze vreugde,

Maak ons dapper,

Trouw en U nabij,

Gij Licht van onze lamp,

Terwijl wij samen met de maagden

In heerlijkheid zingen

Een nieuwe beurtzang.
 

Kerstgezang
 

Gegroet de Koning! Gegroet de Koning! Gezegend zij Hij! Gezegend zij Hij!

Gegroet de Koning! Gegroet de Koning! Gezegend zij Hij! Gezegend zij Hij!

Gegroet de Koning! Gegroet de Koning! Gezegend zij Hij, de Koning voor wie wij zingen,

Gegroet gij allen! Laat er nu vreugde zijn!
 

Deze nacht is de avond van de grote Geboorte,

Geboren werd de Zoon van Maria, de Maagd.

Zijn voetzool raakte de aarde,

De Zoon der heerlijkheid kwam van de hoge omlaag.

Hemel en aarde stralen Hem toe,

Gegroet gij allen! Laat er nu vreugde zijn!
 

De vrede van de aarde zij met Hem! De vreugde van de hemel zij met Hme!

Zie, zijn voeten raakten de wereld;

De eerbewijzen van een Koning mogen de zijne zijn, Hij worde als Lam verwelkomd,

Roemrijkste Koning, roemrijkst Lam,

De aarde en de oceaan lichten op voor Hem.

Gegroet gij allen! Laat er nu vreugde zijn!
 

De bergen stralen Hem toe, de vlakten stralen Hem toe,

De stem van de golven met het lied van het strand

Verkondigt ons dat Christus is geboren,

De Zoon van de Koning der Koning uit het land der verlossing.

De zon schijne op de hoge bergen omwille van Hem.

Gegroet gij allen! Laat er nu vreugde zijn!
 

Mogen de aarde en de hemelkoepel Hem begroeten,

Want God de Heer opende de deur.
Zoon van de maagd Maria, haast U mij te helpen,

Gij, Christus van de hoop, Gij Deur der vreugde,

Gij gouden Zon van berg en heuvel.

Gegroet gij allen! Laat er nu vreugde zijn!

© 2000 Celtic Orthodox Christian Church
 
 

Home
Return to Previous Page